-
HET WAFELMEISJE.
THE WAFFLE GIRL.
-
Wie kent het wafelmeisje niet, het nette, het zindelijke, het minzame wafelmeisje, met haar Frieschen kap, haar zilveren oorijzer, haar glanzend jakje, haar helder boezelaar, haar groene muiltjes en het bord in haar hand, waarover een blank servet is gespreid, dat de
Who does not know the waffle girl, the neat, the immaculate, the affable waffle girl, with her Frisian cap, her silver skull-ring, her glossy bodice, her bright apron, her green slippers, and the tray in her hand, over which a snow-white napkin is spread, which shields the
-
Wel ghesuyckert, wel ghecruyt, Wel met boter overdroopt,
Well-sugared, well-spiced, Well-drenched in butter,
-
tegen den invloed der lucht en de snoepzucht der vliegen beveiligt?--Als de ooievaar of, wilt gij 't liever, als de zwaluw, die in het voorjaar terug komt en ons tot een voorbode strekt der lentevreugd, zoo ook keert het wafelmeisje jaarlijks in hetzelfde seizoen, op dezelfde plaats terug om er haar woning te bouwen en aan een ieder te verkondigen, dat de kermis-vermakelijkheden een aanvang hebben genomen.
against the influence of the air and the sweet tooth of the flies?--Like the stork or, if you prefer, like the swallow that returns in spring and serves as an augury of springtime joy, so too the waffle girl returns annually in the same season to the very same spot to build her dwelling and proclaim to all that the fairground amusements have commenced.
-
Alles op deze wereld is voor verandering en veroudering vatbaar; maar, wat ook de tijd doe wisselen of vervallen, of te niet gaan, naar het wafelmeisje heeft hij zijn hand nooit uitgestrekt: nimmer heeft hij de leliën op hare wangen doen verwelken, noch rimpels op haar glinsterend voorhoofd doen rijzen, noch de luchtigheid van haren tred veranderd, noch haar vlekkelooze kleeding bezoedeld.
Everything in this world is subject to change and aging; but whatever time may alter, decay, or bring to naught, it has never stretched out its hand toward the waffle girl: never has it withered the lilies on her cheeks, nor raised wrinkles on her glistening forehead, nor altered the lightness of her step, nor soiled her spotless attire.
-
Met iederen jaarkring treedt zij even vroolijk en bevallig weer te voorschijn, blozend als de bloemen op het veld, maar niet vatbaar, gelijk deze, om te verwelken.
With every turning year she steps forth again just as cheerful and charming, blushing like the flowers of the field, yet not susceptible, as they are, to wilting.
-
Al wat op kermis en jaarmarkt onze aandacht trekt, wordt afgesleten, verouderd, vernieuwd of vervangen; de Saqui's, de Opré's, de Baptistes, de Martins, en zoo veel meerderen, zijn afgetreden en hebben voor anderen plaats gemaakt; maar het wafelmeisje blijft, altijd jeugdig, altijd hare gaven ronddeelende, onveranderlijk en onvergankelijk als het noodlot.
All that catches our eye at the fair and annual market is worn out, aged, renewed, or replaced; the Saquis, the Oprés, the Baptistes, the Martins, and so many others, have stepped down and made way for others; but the waffle girl remains, ever youthful, ever dispensing her gifts, unchangeable and imperishable as fate.
-
En niet zij alleen, maar al wat zich om en nevens haar beweegt en bevindt in de tent, waar binnen haar zwervend bedrijf wordt uitgeoefend, is even onwankelbaar, even onsterfelijk als zij zelve.
And not she alone, but everything that moves and exists around and beside her in the booth wherein her itinerant trade is practiced, is just as steadfast, just as immortal as she herself.
-
Ondervraagt slechts uw geheugen, kermisbezoekers!
Just question your memory, fairgoers!
-
Heeft niet die wafelkraam altijd uit dezelfde planken bestaan, van buiten grijs, van binnen kanariegeel geschilderd?
Has not that waffle booth always consisted of the exact same planks, painted gray on the outside and canary-yellow on the inside?
-
Treedt gij den houten vloer op, gij ziet tegenover u de, u sinds jaren bekende, glad gewreven commode of chiffonnière, rechts en links geflankeerd door een prent in gele lijst, de ramp van Leiden, den watervloed, de historie van den verloren zoon of die der schoone Genoveva voorstellende: op de commode herkent gij de witte kopjes met gouden randen en den ruiker van papieren bloemen: daarvoor, de stoelen met matten zittingen; in den hoek, het sijsje in zijn kooi; rechts, het eikenhouten beschot, van twee boogsgewijze ingerichte toegangen voorzien, op de Oostersche manier met gordijnen afgesloten en tot twee kamertjes geleidende, als de roef eener trekschuit geheel ingenomen door een smalle tafel en een rondloopende bank.
If you step onto the wooden floor, you see opposite you the highly polished chest of drawers or chiffonier known to you for years, flanked left and right by a print in a yellow frame depicting the disaster of Leiden, the flood, the story of the prodigal son, or that of the fair Genevieve: on the chest of drawers you recognize the white cups with gilt rims and the bouquet of paper flowers; in front of it, the rush-seated chairs; in the corner, the siskin in its cage; to the right, the oak partition, fitted with two arched entrances, draped with curtains in the Oriental manner and leading into two small rooms, occupied entirely, like the cabin of a canal barge, by a narrow table and a wraparound bench.
-
Links, door toonbank en fornuis van de straat gescheiden, zit de bakster bij het vuur, de bakster, die er altijd gezeten heeft en nooit hare plaats verlaat: en nevens haar, het wafelmeisje.
To the left, separated from the street by a counter and stove, sits the baker woman by the fire—the baker woman who has always sat there and never leaves her post; and beside her, the waffle girl.
-
Wanneer ik zeg, het wafelmeisje, dan meen ik: de drie wafelmeisjes; want, even als er drie Gratiën, drie Parken, drie Furiën, drie Cyklopen zijn, zoo zijn er ook altijd drie wafelmeisjes, die de voorschreven bakster moeder noemen.
When I say the waffle girl, I mean the three waffle girls; for just as there are three Graces, three Fates, three Furies, three Cyclopes, so there are always three waffle girls who call the aforementioned baker woman mother.
-
Wat een vader betreft, dien ziet men niet en die is er waarschijnlijk nooit geweest: en hoe de baksters het aanleggen, om juist altijd drie dochters, nooit meer noch minder te hebben, zal wel altijd een raadsel blijven.
As for a father, one never sees him, and likely he never existed; and how the baker women manage to always have precisely three daughters, never more nor fewer, will surely forever remain a mystery.
-
Bewijs genoeg, dat zij en haar maagden en haar kraam, alles, als de Myrmidonen van ouds, gelijktijdig zijn ontstaan.
Proof enough that she, her maidens, and her booth all came into existence simultaneously, like the Myrmidons of old.
-
Van de drie wafelmeisjes zal ik er slechts ééne beschrijven; want, wie er eene ziet, heeft ze allen gezien: en de bloemen des velds en de wafelen, die zij rondbrengen, kunnen onderling niet meer gelijkenis hebben dan zij.
Of the three waffle girls I shall describe only one; for whoever has seen one has seen them all: and the flowers of the field and the waffles they serve cannot bear a greater resemblance to one another than they do to each other.
-
Het wafelmeisje is welgevormd van leden, regelmatig van gestalte, schoon eenigszins overhellende tot gezetheid, en haar bewegingen hebben een bevalligen zwier; haar vel is blank en doorschijnend; malsch als zijde, maar niet zeer veerkrachtig; haar lichtblauwe oogen hebben een kalme, zachtzinnige uitdrukking, die getuigt, dat in het hartje, 't welk achter dien donzigen boezem klopt, geene driften noch stormen gewoed hebben.
The waffle girl is well-formed of limb and symmetrical of figure, though leaning somewhat toward plumpness, and her movements possess a graceful flourish; her skin is fair and translucent, soft as silk, but not very resilient; her light-blue eyes have a calm, gentle expression, testifying that no passions or storms have ever raged within the little heart that beats behind that velvety bosom.
-
Van het haar zal ik niet spreken; want daar het bestendig onder den nijdigen kap verborgen blijft, kan men alleen bij gissingen besluiten, of het zwart dan blond van kleur is.
Of her hair I shall not speak; for as it remains permanently hidden beneath that jealous cap, one can only determine by guesswork whether it is black or blonde in color.
-
Uit de donkere tint der wenkbrauwen zoude ik het eerste opmaken; maar ik onderwerp mij gaarne aan de beslissing van al wie beter onderricht is.
From the dark tint of her eyebrows I would infer the former; but I gladly defer to the decision of anyone better informed.
-
Het karakter van het wafelmeisje is geheel lijdelijk; zij gehoorzaamt aan de bevelen en wenken der bakster, en brengt de wafelen naar de plaats van haar bestemming: zij dekt de tafeltjes in de vertrekjes, zij bedient de bezoekers, en wanneer zij niets te bezorgen of niemand te bedienen heeft, dan gaat zij zitten voor de meergenoemde chiffonnière, dus vlak over den ingang.
The waffle girl's character is entirely passive; she obeys the commands and nods of the baker woman and carries the waffles to their destination: she sets the tables in the little compartments, she waits upon the visitors, and when she has nothing to deliver and no one to serve, she sits down in front of the aforementioned chiffonier, directly opposite the entrance.
-
Maar gaande of staande, loopende of rustende, bezig of ledig, nooit raakt haar gelaat uit zijn plooi, en niets is in staat de rustige kalmte van haar gemoed een oogenblik te verstoren.
Yet walking or standing, running or resting, busy or idle, her expression never loses its composure, and nothing is capable of disturbing the serene calm of her mind for even a moment.
-
Zij hoort met denzelfden glimlach de bestellingen der gasten, de zoutelooze kwinkslagen der jolige dienstmeiden, de ruwe scheldwoorden des dronkaards, de suikerzoete vleierijen van den ouden vrijer en de meer duidelijke voorstellen des opgewassen schoolknaaps aan.
She listens with the very same smile to the orders of the guests, the insipid witticisms of jolly maidservants, the harsh curses of the drunkard, the sugary flatteries of the old bachelor, and the more explicit proposals of the grown schoolboy.
-
Met denzelfden onverschilligen blik ziet zij de liefkozingen van een vrijend paar, en den strijd van twee pakkendragers om een nieuwe Helena.
With the exact same indifferent gaze she beholds the caresses of a wooing couple, and the brawl between two porters over a new Helen.
-
Nog meer!
What is more!
-
Een dartele jongeling, niet te vreden, van haar zijn liefdebrand met woorden te hebben geschilderd, zal, om aan zijn betuigingen meerdere kracht bij te zetten, haar poezel handje vatten; zij zal het niet terugtrekken; maar ook den handdruk niet beantwoorden; de vermetele zal zich nog meer verstouten; haar mond, haar wangen met gloeiende kussen bedekken; zij zal hem stil laten begaan; maar op eens bespeurt hij met verbazing en teleurstelling, hoe weinig hij haar zinnen of zelfs haar aandacht boeide, en hoe zij, hem als een schim ontweken, bezig is een glaasje anijs over te reiken aan een naaistertje, dat met een kantoorknecht in een der vertrekjes een tweede dozijn wafels zit te verorberen.
A wanton youth, not content with having described the fire of his love to her in words, will grasp her plump little hand to add greater force to his declarations; she will not pull it back, but neither will she return the hand squeeze; emboldened, the audacious fellow will go further, covering her mouth and cheeks with burning kisses; she will quietly let him proceed; but all at once he notices with astonishment and disappointment how little he engaged her senses or even her attention, and how she, having slipped away from him like a phantom, is already handing a glass of aniseed to a seamstress sitting in one of the booths devouring a second dozen waffles with a clerk.
-
Uit dit alles blijkt overvloedig, dat het wafelmeisje een afzonderlijk, op zich zelf staand wezen is, aan de gewone zwakheden der menschelijke natuur niet onderhevig, en met de dochters van Eva alleen in gedaante overeenkomende.
From all this it is abundantly clear that the waffle girl is a distinct, self-contained being, not subject to the ordinary weaknesses of human nature, and resembling the daughters of Eve in form alone.
-
Intusschen, er zijn sceptici, die hebben durven beweren, dat zij, 's middags ongeveer te half een uur, een wafelkraam voorbij gaande, de bakster en haar maagden hebben zien aanzitten rondom een schotel van groen aardewerk, aardappelen etende als gewone stervelingen.
Meanwhile, there are skeptics who have dared to claim that, passing by a waffle booth at about half past twelve in the afternoon, they saw the baker woman and her maidens seated around a dish of green earthenware, eating potatoes like ordinary mortals.
-
Zoolang echter dit feit niet door stellige, onwraakbare getuigenissen bewezen is, meen ik het er voor te moeten houden, dat de verhalers, of schaamteloos jokken, of door hun oogen misleid zijn geworden.
However, so long as this fact is not proven by positive, unimpeachable testimony, I feel obliged to maintain that the storytellers are either shamelessly lying or have been deceived by their own eyes.